9 oktober 2006    

PERSBERICHT

‘Labels startpunt van dialoog met je omgeving’

KWH introduceert KWH-Participatielabel en KWH-Maatschappijlabel

KWH (Kwaliteitscentrum woningcorporaties Huursector) heeft 5 oktober tijdens de bijeenkomst ‘Maatschappelijke prestaties van woningcorporaties’ in Schiedam twee nieuwe kwaliteitslabels uitgereikt aan 13 corporaties: het KWH-Participatielabel en het KWH-Maatschappijlabel. Vanaf nu kunnen ook andere corporaties in Nederland zich door KWH laten toetsen op de kwaliteit van bewonersparticipatie en de kwaliteit van het maatschappelijk ondernemerschap.

KWH wil corporaties inspireren en faciliteren bij de opgave die zij hebben op het gebied van bewonersparticipatie en maatschappelijk ondernemen en presteren. Daarom heeft KWH in samenwerking met de Nederlandse Woonbond, corporaties en huurdersorganisaties het KWH-Participatielabel ontwikkeld. In samenwerking met corporaties, RIGO en Gerrichhauzen en Partners heeft KWH het Maatschappijlabel opgezet. Het KWH-Participatielabel is een instrument waarmee de kwaliteit van bewonersparticipatie wordt gemeten en beoordeeld en prestaties transparant worden gemaakt. Het KWH-Maatschappijlabel is een instrument waarmee corporaties hun maatschappelijk ondernemen kunnen meten en daarmee prestaties transparant kunnen maken. Beide kwaliteitslabels bieden corporaties concrete aanknopingspunten om te leren en te verbeteren en om zich (lokaal) te verantwoorden.

In totaal hebben twintig corporaties hun nek uitgestoken om de labels te toetsen en aan te scherpen. RIGO lichtte tijdens de bijeenkomst de resultaten van de pilots toe. Uit de pilot Maatschappijlabel kan geconcludeerd worden dat het met het imago van de corporatie beter gesteld lijkt dan de landelijke discussie doet vermoeden. Er wordt hoog gescoord op maatschappijgericht, betrokken, betrouwbaar en deskundig; de lokale belanghouders hebben vertrouwen in de bijdrage van de corporatie in maatschappelijke opgaven. Verder oordelen belanghouders positief over de beleidskeuzen én over de prestaties van corporaties. Maar is er nog een wereld te winnen als het gaat om het scherp definiëren van de prestaties en evalueren van het succes. Opvallend is ook dat belanghouders het belangrijker vinden dat de corporatie het ‘lef’ heeft om lastige opgaven aan te pakken, dan inzicht te krijgen in de vermogenspositie van corporaties, hoewel de transparantie ervan wel beter kan. En, ten slotte, geven de belanghouders aan dat hun betrokkenheid, vooral in de eerste fases van het beleidsproces en bij de evaluatie, beperkt is. Uit de pilot Participatielabel blijkt dat bewonersparticipatie bij corporaties steeds meer een zelfstandige functie wordt, die wordt ondergebracht bij wijkconsulenten, relatiebeheerders of accountmanagers. Keerzijde is dat corporatiemedewerkers nog moeten groeien in hun vak en nog niet altijd goed in staat zijn om de hooggespannen verwachtingen bij bewonersorganisaties te beheersen. Ook is er nog veel verbetering mogelijk in de samenwerking en het verhogen van het rendement van bewonersparticipatie. Zo blijkt het moeilijk om alle huurdersgroepen bij participatie te betrekken en liggen nieuwe vormen van bewonersparticipatie nog vooral op de tekentafel.

Stakeholders Mária van Veen, directeur Nederlandse Woonbond, Hendrien Witte, directeur Aedes vereniging van woningcorporaties en Rabella de Faria, voormalig wethouder gemeente Rotterdam kregen de normen van de labels uitgereikt en discussieerden met de deelnemers van de bijeenkomst over de vraag of participatie een vak is, of corporaties ondernemend en inspirerend zijn en hoe om te gaan met de behaalde labels. Ook maakten de stakeholders duidelijk dat zij de kracht zien van beide labels. Mária van Veen vroeg een applaus voor de corporaties die aan de pilot Bewonersparticipatie hadden meegedaan ‘en ook voor de 14 huurdersorganisaties die in samenwerking met ons en KWH hebben meegewerkt aan het KWH-Participatielabel en ons label Kwaliteit Huurdersorganisaties. Het is een goede zaak dat de huurdersorganisaties beter inzicht krijgen in hun eigen functioneren.’ Hendrien Witte vindt dat het Maatschappijlabel sturing geeft aan de corporatie. ‘Zo leren corporaties te luisteren naar de wens van de klant en kunnen ze met behulp van het label keuzes transparanter maken.’ Rabella de Faria ziet de beide labels als een goed startpunt, ‘maar corporaties moeten niet alleen dingen zeggen maar ze ook doen.’ Directeur van KWH, Erwin Bel, reikte aan het einde van de bijeenkomst aan 13 van de 20 deelnemende pilotcorporaties de labels uit en sloot de bijeenkomst af met de woorden: ‘Zie het label als een startpunt van een dialoog met je omgeving’.